Ga naar hoofdinhoud

Finaliteiten

Wat is nu precies het verschil tussen richtingen in de doorstroom, dubbele finaliteit en arbeidsmarkt? Wat is het verschil tussen domeingebonden en domeinoverschrijdende doorstroomrichtingen? We leggen het graag uit hier.

In de tweede en derde graad van het secundair onderwijs worden studiestudierichtingen ingedeeld in drie finaliteiten. Die finaliteiten geven aan waar de nadruk ligt: verder studeren, gaan werken, of een combinatie van beide. Zo kunnen leerlingen een studiekeuze maken die aansluit bij hun interesses, talenten en toekomstplannen.

DOORSTROOMFINALITEIT

De doorstroomfinaliteit is gericht op leerlingen die zich willen voorbereiden op studies in het hoger onderwijs. In deze studierichtingen ligt de nadruk op theoretische kennis, inzicht en abstract denken. Leerlingen worden gestimuleerd om zelfstandig te studeren en complexe leerinhouden in een korte tijdspanne te verwerken.

Deze studiestudierichtingen bereiden in de eerste plaats voor op een vlotte overgang naar een bachelor- of masteropleiding.

Binnen de doorstroomfinaliteit wordt een belangrijk onderscheid gemaakt tussen domeingebonden en domeinoverschrijdende studiestudierichtingen. Dat onderscheid heeft vooral te maken met hoe breed of gespecialiseerd de voorbereiding is op het hoger onderwijs.

  • In domeingebonden doorstroomstudierichtingen verdiepen leerlingen zich in één specifiek studiedomein. De leerinhouden zijn duidelijk gericht op dat domein, waardoor leerlingen zich vooral voorbereiden op verdere studies binnen datzelfde interessegebied.
  • In domeinoverschrijdende doorstroomstudierichtingen krijgen leerlingen een brede en algemene vorming die verschillende domeinen combineert. Daardoor houden ze na het secundair onderwijs een zeer ruime keuze aan studiemogelijkheden open. Deze studierichtingen zijn minder gespecialiseerd, maar bieden net daardoor meer flexibiliteit bij het kiezen van een vervolgopleiding.

DUBBELE FINALITEIT

De dubbele finaliteit combineert een degelijke theoretische basis met een sterke praktische component. Leerlingen ontwikkelen zowel kennis als vaardigheden en worden voorbereid op twee mogelijke trajecten na het secundair onderwijs: verder studeren of meteen instappen in de arbeidsmarkt. In deze finaliteit behalen leerlingen ook een beroepskwalificatie door stage en/of werkplekleren, wat hun kansen op de arbeidsmarkt versterkt.

Deze studierichtingen zijn bijzonder geschikt voor leerlingen die graag leren door theorie en praktijk te combineren en die hun opties willen openhouden. Ze kunnen na het secundair onderwijs doorstromen naar het hoger onderwijs, vaak naar een professioneel gerichte bachelor of graduaatsopleiding, maar beschikken tegelijk over concrete vaardigheden om ook meteen aan het werk te gaan.

ARBEIDSMARKTFINALITEIT

De arbeidsmarktfinaliteit is in de eerste plaats gericht op een vlotte overstap naar de arbeidsmarkt. In deze studierichtingen ligt de nadruk op een praktische opleiding en het aanleren van beroepsspecifieke vaardigheden. Leerlingen leren door te doen en krijgen de kans om ervaring op te doen via stages en/of werkplekleren. Ook in deze finaliteit behalen leerlingen een beroepskwalificatie.

Na het zesde jaar zijn leerlingen klaar om een beroep uit te oefenen. Ze kunnen ook kiezen voor een zevende jaar om hun beroepskwalificaties uit te breiden. Verder studeren is niet uitgesloten: leerlingen kunnen een graduaatsopleiding volgen. Voor een professionele bachelor is een bijkomend traject nodig, dat kan via het Voorbereidend jaar op hoger onderwijs (VHO).